4/9/10
Een tafel, een stoel. Een bierglas, een glas bitter lemon. Een overeenstemming, morfologie. Een krant, sigaretten. Mooie handen, duizeling. Een frisse wind, realiteit. Een idee, geen mogelijkheid. Groen papier, Engelse taal. Volwassenheid, kinderlijkheid. Zijn en hebben. Weten en kennen. Ogen en twinkeling. Glimlach en ogen neerslaan. Wel willen en niet willen. Donker en ver weg. Nu thuis en moe.