Time after time

Gepost in Verleden op 19 juli, 2008 door mindmerle

Once, I went to the railwaystation. It had been a while the last time I was in there and I was a bit strange. These days I like long nights and peaceful evenings, but what I saw was the opposite. I saw a man in a suit running to catch his train and I saw a couple kissing each other like they went away for a long time. And there were a lot of people crawling everywhere like little ants…The railwaystation has something magic to me: when I was a little girl, I often went by train with my parents, to see my grand-parents. Those days, we couldn’t afford a car. I still remember myself sitting on the red bank while I was half sleeping. The color yellow will always remind me of the indication signs to see wich train on wich platform…

Today I really felt I wanted to go back in time. I wanted to be again the little girl, take my dad’s hand and the eyes of my mother always on my shoulders. My grandparents are gone a long time now, and meanwhile I have my own car and rarely take the train. I also left my own ‘railwaystations’, like my study in the north of the Netherlands. After that study, I took my ‘train’ to Amsterdam because I wanted to study French. I lived together for a couple of years, but I always felt my train had to move on. I said goodbye, took my things and headed for hapiness towards the south. It would almost be the loneliest trip I ever made, but I got compagny aling the way. And guess what? I think I’m gonna stay here. Gare Terminus.

Misschien… misschien niet

Gepost in psychologie op 10 juli, 2008 door mindmerle

Iemand op TV had het over zijn grote angst. Ik ben toen gaan nadenken over wat mijn grootste angst is. In veel opzichten ben ik net een normale vrouw: spinnen zijn eng want ze kunnen zo je tenen eraf bijten, maar aan de andere kant: muisjes zijn wel weer lief. Mensen kunnen wel een geintje met me uithalen en ik ben niet zo’n miep dat als ergens het woordje ‘tiet’ valt dat ik meteen mijn advocaat zal bellen. Dus bang voor dat soort conversaties ben ik ook niet. Ik ben eigenlijk niet zo bang aangelegd.

Ik denk dat mijn grootste angst is dat er iets met mijn partner gebeurt, of met mijn ouders. Maar nog erger, en daarin zullen velen zich herkennen, is een de angst om alleen over te blijven. Voor mij geen eeuwig leven, geen drankje om mijn leven een flink aantal jaren op te krikkken. Als het mijn tijd is, kan ik er toch niets aan veranderen, dan moet dat gewoon zo zijn. Mijn grote angst is echter wel, dat als ik dood ben, of liever gezegd, nog net voordat ik dood ben…, niemand mij meer kent. Mijn ouders weg, mijn partner weg, neefjes en nichtjes wel, ooms en tantes… niemand die kan vertellen over wie ik ben en wat ik belangrijk vond in het leven. Dat ik kriebels kreeg als ik mijn hand in een grote zak met graankorrels steek om er doorheen te woelen, dat ik liedje nummer 5 van de cd van filmmuziek van Amélie graag wil laten horen als ik dood ben, de reden dat ik Frans ben gaan studeren ooit en sindsdien geen dag zonder ‘Frans’ te hebben geleefd, of dat niemand weet waarom ik zo van de muziek van Sting hou. En dat er maar weinig mensen zijn van wie ik kriebels krijg als ik ze alleen maar hoor praten. Die personen zijn Richard Berry (Franse ateur), Sting en iemand die ik praktisch vanwege mijn werk elke dag spreek. Of waarom deze weblog Merle heet en waar ik dat vandaan heb gehaald… of dat niemand weet dat ik liever melk drink dan alcohol en dat ik een wat grotere moedervlek op mijn rechterheup heb zitten waaraan mensen mij kunnen herkennen mocht ik ooit geïdentificeerd moeten worden.

Of misschien omdat niemand dan weet dat ik emotioneel kan worden van een schilderij, een boek of een foto. Er hoeft maar een klein dingetje te zijn wat me in het hart raakt en ik moet een traan wegslikken. Of dat ik er niet tegen kan als ik een man op TV zie huilen of in het echte leven, omdat ik dan mezelf moet inhouden om niet mee te gaan huilen. Of waarom ik spullen per se wil bewaren omdat ik bang ben een stukje herinnering weg te gooien, herinneringen aan mijn jeugd, aan andere tijden, wellicht betere tijden. Dat elke keer als ik iets weggooi, ik een stukje van mezelf weggooi.

Misschien, als ik morgen dood ga, weten veel mensen niet wie ik écht ben. Ik heb het wel geprobeerd om mijn mening of opvattingen écht duidelijk te maken en het is zo moeilijk om bijvoorbeeld je moeder daar pijn mee te doen.

Niemand zal dan weten dat het aantal keer dat ik op één avond kan klaarkomen op 14 keer ligt. En dat ik vast nog wel een 15e keer kon komen, maar dat ik op het laatst niet eens meer kon voelen of ik wel- of niet kwam omdat het zo gevoelig werd. Of dat ik ook wel een beetje op vrouwen kan vallen en vaak aan een lesbisch duo of trio denk om mezelf te stimuleren.

Misschien kunnen dit soort dingen dan ook maar beter meegaan in mijn graf. Maar misschien ook niet…

La vita è bella

Gepost in psychologie op 9 juli, 2008 door mindmerle

Ik heb het warm, heel erg warm. Ik stap de sauna uit en loop naar mijn stapeltje kleding dat ik al heb klaargelegd. Ik smeer me in met een of ander lekker ruikend smeersel en kijk op mijn telefoon. Helaas… je komt niet. Ik schrijf terug dat het dan wellicht een andere keer word. Ik kleed me aan en fohn een beetje mijn haren. Ik stap in de auto en zet de muziek hard aan. Ik kan niet meezingen, maar lalala heel hard mee. De muziek is opzwepend en ik wil de wind voelen. Ik draai mijn raam open en steek mijn hand naar buiten. Het regent. Ik draai mijn raam helemaal open en lalala naar de auto naast me. De man blijft recht voor zich uit staren en doet alsof hij mij niet ziet. Ik zet de muziek wat harder. Stoplicht. Nog harder. Mijn keel doet pijn, maar ik blijf doorgaan. Ik voel dat de regen op mijn dijbeen terecht komt. Het kan me niks schelen. Het is de natuur en de regen voelt fijn. Ik hou mijn hoofd een stukje uit het raam en besef me dat ik leef. Ik weet niet of het door jou komt, of door de regen. Misschien de muziek. Het kan me niet schelen maar ik leef.

Ik leef.

Abnormaal normaal

Gepost in Uncategorized op 8 juli, 2008 door mindmerle

Hoop liefde en leven voor je idealen… het is de rode draad in de musical ‘Les Misérables’. De film heb ik gezien, met Gérard Dépardieu en Virginie Ledoyen. Ik vraag me af… wie leeft er tegenwoordig alleen nog voor zijn idealen? We hebben ons werk, we hebben onze hypotheek, we hebben kinderen waar we voor moeten zorgen. Maar als we konden kiezen, zouden we dan heeel stiekem het toch niet anders doen? Stel dat je vanavond met je vriedin in bed ligt… en ze komt met je knuffelen. En je weet dat als je met haar zult vrijen vanavond, dat ze zwanger raakt. Zou je dan vanavond met haar vrijen? En als je weet dat het huis dat je morgen gaat bekijken, je een paar jaar later kopzorgen gaat geven wanwege de stijgende hyptoheekrente? En als je zou weten dat als je zo meteen naar dat eitje zwemt, je over negen maanden geboren gaat worden… zwem je dan nog zo hard? Misschien drastische vragen, maar ik vraag me écht af of idealen niet met de dag aangepast worden. En zo ja… waarom worden ze dan idealen genoemd? Is een ideaal niet iets waar je jarenlang naartoe werkt, waar je dingen voor opgeeft, anderen voor moet teleurstellen… iets waar je jezelf helemaal voor geeft? En is dat ook niet zo met een mening? Ik had vroeger een vriendin die absoluut tegen kinderen was. Zij wilde per se geen kinderen. De wereld was verrot en zij wilde een kindje dat niet aandoen. Bovendien vond ze zichzelf egoïstisch om zich voor een kindje te veranderen. Nu, een paar jaar later, heeft ze toch een kindje. Ik kon het niet gelovern toen ze het schreef. Want als er iemand tegen kinderen was, dan was zij het wel… En een paar jaar geleden, toen ik studeerde en mijn menstruatie wat te laat kwam, zat mijn toenmalige vriendje heel erg in de rats omdat hij op dat moment geen kinderen wilde. Toen we er op een avond over spraken kwam de aap uit de mouw. Hij wilde eigenlijk helemaal geen kinderen. Uiteindelijk bleek er niks aan de hand te zijn. Via Hyves ben ik erachter gekomen dat hij onlangs papa is geworden. Leve de idealen. Vroeger kon ik me geen voorstelling maken dat ik kinderen zou hebben. Ik zag mezelf absoluut niet als moeder. En nu nog steeds niet. Ik heb niks tegen kinderen, maar op de een of andere manier kan ik me geen enkele voorstelling maken dat ik ook mijn kindje in mijn armen zal houden. Als ik een baby in mijn armen heb, kan ik echt wel een gevoel erbij hebben, maar datzelfde gevoel heb ik als ik naar de muziek van Yann Tierssen luister. Als ik ooit kinderen zou hebben zouden dat denk ik de kinderen zijn die iemand anders al heeft. Maar aangezien ik een lieve vriend heb die ook niet veel met kinderen heeft blijven we voorlopig maar gewoon kinderloos. Ik weet niet of het een bepaalde angst is of dat ik gewoon echt een van die weinige vrouwen ben die niet zoveel met kinderen heeft. Maar ja, dat ik abnormaal normaal ben dat wist ik al…

Je t’attends

Gepost in musique op 7 juli, 2008 door mindmerle

Soms wil je iets schrijven maar begin je honderd keer opnieuw. Dan kom je erachter dat er al iemand is die de tekst heeft geschreven en die perfect aansluit bij hoe je je voelt. Onderstaande tekst is gezongen door Vlaamse zangeres Axelle Red en niet alleen de tekst is bijzonder, deze dame is bijzonder mooi en heeft een hele mooie stem:

Tous ces gens qui passent autour de moi
Dans la ville
Ces gens qui courent et qui marchent au pas
Ou vont-ils
Est-ce le vent qui les pousse
Vers d’invisibles rêves
Que voient-ils au bout de leur course
Quand le brouillard se lève

Tous ces gens qui se serrent dans leurs bras
Sur leurs coeurs,
Qui n’ savent plus ce que c’est d’avoir froid
D’avoir peur
Est-ce la terre qui retient leurs pas
Ou le ciel qui est trop lourd
Ils marchent à l’écard du hasard
Que savent-ils de l’amour

Cent fois, sans toi
J’ai cherché ma route
Sans foi ni loi
Seule avec mes doutes

Cent fois, sans toi
J’ai cherché ma route
Sans foi ni loi
Seule avec mes doutes
Cent fois, sans toi
Le coeur en déroute
Sans foi ni loi
J’ai perdu ma route
Je t’attends

Sois comme Dieu

Gepost in psychologie op 6 juli, 2008 door mindmerle

Je sais pas, ce que je voudrais te dire

Je sais pas, ce que je voudrais de toi

Je sais pas, ce que tu veux de moi

Est-ce ta voix

Qui m’a rendu folle

Est-ce ma propre voix

Qui m’a rendu folle

Je ne veux pas que ça s’arrête

Mais ça ne pouvait pas continuer ainsi

Je n’ai jamais voulu provoquer

Quoi que ce soit

Dans nos idées, on était deux esprits libres

Mais on est deux esprits prisonnées

Gardons surtout nos esprits télépathiques

Tu seras dans mon coeur

Paris, je t’aime d’amour

Gepost in verhalen op 6 juli, 2008 door mindmerle

Het was in de Tuileries. Het was lekker warm en ik zat op een stoel in de zon. Ik genoot van de stralen op mijn gezicht. Overal om me heen zag ik mensen. Het is midden in Parijs, maar het was er rustig. Een paar jongens waren aan het voetballen. Anderen zaten aan de fontein, gewoon te genieten. Een stoel verder zat een wat oudere vrouw. Ze viel een beetje op, want ze was erg netjes gekleed en ze was hoogblond. Anderen hier hadden een korte broek aan, of jurkjes. De vrouw keek naar mij. Ik keek naar haar. Ze begon tegen me te praten, in het Engels. Ze kwam uit Canada. Het was haar eerste keer in Parijs en ze vertelde over haar kinderen, die haar de reis cadeau hadden gedaan. Toen ik vroeg of ze hier alleen was, vertelde ze dat een zoon en een dochter mee waren, maar zij waren een middag in een museum en zij wilde liever buiten zijn. Ze zou straks weer teruglopen naar haar hotel, dat in de buurt was. Ik zag de twinkeling in haar ogen. Ik zag de verliefdheid en de betovering. Ze viel als een blok voor Parijs. Dat kon een blinde nog zien. Ze was helemaal ‘overwhelmed’. Ze moest ook nog zoveel dingen doen, maar het ultieme uitzicht vanaf de Eiffeltoren had ze gehad. Toen ik haar vertelde dat ze een beter uitzicht zou hebben op de Tour Montparnasse, keek ze een beetje moeilijk. Er waren teveel dingen die ze nog moest doen en ze wilde niets van haar lijstje schrappen. Ze was helemaal ‘intimidated’.

Ik kan het me nog zo goed herinneren. Parijs bij nacht, de eerste keer. De Périphérique, zomaar een bar, zomaar een huis. Toen de nachttour: Eiffeltoren, Centre Pompidou, Notre Dame. Allemaal in het bleke maanlicht en de lichten van Parijs die je je leven niet vergeet. Parijs werkt als een verslaving. Als je ervan geproefd hebt, wil je meer. ‘Partir, c’est mourir un peu’ zei iemand ooit. Die eerste keer liet ik mijn jeugd achter me. In die eerste nacht Parijs ben ik volwassen geworden. Alle andere keren dat ik Parijs binnenkom rijden, voelt het ergens alsof ik thuiskom. Als ik wegga, laat ik iets van mezelf achter. Ik weet zeker dat de dame ook iets heeft achtergelaten in Parijs. Ik hoop voor haar dat ze nog eens terugkomt. Parijs kun je niet in een paar dagen ontdekken, daar heb je een leven lang voor nodig…

L’oiseau

Gepost in psychologie op 5 juli, 2008 door mindmerle

De vogel komt uit zijn ei

En wordt gevoed door de ouders

De vogel zit in het nestje en ziet

Elke dag zijn ouders wegvliegen

En weer terugkomen met eten

Alles wat hij hoeft te doen

Is wachten, eten en slapen

Tot op een dag

Er een onfeilbaar verlangen

Wordt aangewakkerd om weg te gaan

Ondanks dat het nestje lekker warm is

En er elke dag eten is

De vogel vliegt ondanks deze zekerheden toch uit

Om de wereld in te vliegen

Vol gevaar

Hij kan worden opgegeten door een poes,

Worden neergeschoten of, als er een valse start is,

Gewoon niet verder komen dan de eerste paar takken

Om dan meteen neer te vallen om niet meer op te staan

Maar meestal spreidt hij zijn vleugeltjes en vliegt weg

Skyhigh

En toch…

Zou de vogel ooit niet een seconde terugverlangen

Naar zijn warme nestje

En zijn ouders

Die hem onvoorwaardelijk elke dag

Een wormpje kwamen brengen?

Le lit

Gepost in psychologie op 3 juli, 2008 door mindmerle

Dormir sert maintenant à oublier

Quand je dors, je me rend compte de rien

Et ça me rend heureuse

J’étais sur le fil de qui-vive

Et la vie m’a rejeté sur terre

Je t’en supplie

Laisse-moi dormir

Een toast

Gepost in psychologie op 2 juli, 2008 door mindmerle

Eergisteren dronk ik er een tegen de schrik

Gisteren dronk ik er een tegen de angst

Vandaag drink ik er een op het leven

Morgen drink ik er een… op jou?